Let op: het beleid rondom stagevergoedingen is per 09 november 2010 ingrijpend gewijzigd. Met ingang van deze datum worden geen nieuwe stageovereenkomsten meer aangeboden. Zie hiervoor verder het uitvoeringsbericht 2010/25 op Intranet.
Inleiding
De nieuwe voorwaarden rond stages zijn van toepassing op klanten
die vanaf 1 januari 2009 voor het eerst een stageovereenkomst aangeboden
krijgen. De al lopende stageovereenkomsten (die zijn ingegaan vóór 2009) houden het huidige vergoedingsniveau gedurende de lopende stageperiode en maximaal één
aansluitende stageperiode.
Dit is uiteraard alleen relevant als de klant volgens de regels van het ‘oude regime' een hogere stagevergoeding ontving dan onder het ‘nieuwe regime' het geval zou zijn. In dit hoofdstuk staat alleen beschreven waar het stagebeleid afwijkt van het WWB en WIJ-beleid zoals beschreven in de overige hoofdstukken van de beleidsvoorschriften.
Een deel van het re-integratie-instrumentarium is aangemerkt als stage. Het gaat hierbij om de meeste trajecten op trede 3 (maar niet alle: per traject wordt in de re-integratieladder aangegeven of het een stagetraject betreft). Een stage kan aangeboden worden aan alle mensen binnen de DWI- doelgroep: uitkeringsgerechtigden, niet-uitkeringsgerechtigden, ANW-gerechtigden en gesubsidieerd werkenden (gesubsidieerd werkenden bij hoge uitzondering). De stage kan ook ingezet worden voor mensen met een werkeloosheids- of arbeidsongeschiktheidsuitkering.
Het moet gaan om mensen die binnen 12 maanden bemiddelbaar zijn en plaatsbaar op een reguliere, betaalde baan. Een stage wordt vastgelegd in een stageovereenkomst.
Jongeren tot 27 jaar kunnen op basis van de stageovereenkomst recht doen gelden op een stagevergoeding. Voor klanten van 27 of ouder geldt als aanvullende voorwaarde dat het recht op een WWB-uitkering is vastgesteld door de inkomensconsulent die ook de juiste stagevergoeding bepaalt (eventueel aangevuld met WWB).
De Stageplaatsingsovereenkomst wordt gebruikt bij Nug-klanten die een Voorbereidend Dienstverband (VsD-traject) van langer dan 2 maanden doorlopen. Nug-klanten krijgen geen Detacheringsovereenkomst zoals de WWB-klanten, maar een stageplaatsingsovereenkomst waarin een aantal praktische zaken zijn vastgelegd tussen de Nug-klant, de werkgever en DWI (VSA).
De stagevergoeding gaat in als de activiteiten zijn gestart. Is de periode tussen de meldingsdatum (WWB) of aanvraagdatum (WIJ) en de daadwerkelijke start van de stageactiviteiten 14 dagen of minder dan kan vanaf de meldings - of aanvraagdatum een stagevergoeding verstrekt worden.
Op de meldingsdatum vindt direct een ‘werkgesprek WWB' plaats met de klantmanager. Meteen wordt de klant om gegevens gevraagd die hij de volgende dag moet inleveren. Hersteltermijnen worden waar mogelijk en in overleg met de klant zoveel mogelijk ingekort. In het uiterste geval geldt een redelijke hersteltermijn van 10 werkdagen. Als de klant hierdoor echt in de problemen komt kan een voorschot worden verstrekt.
Voor alle duidelijkheid: een stagevergoeding kan dus met terugwerkende kracht worden toegekend tot maximaal:
twee weken voor de start van de stageactiviteit en
de meldingsdatum van de klant
Een eventuele aanvraag Bijzondere bijstand kan behandeld worden als een aanvraag niet-klant. Het actuele inkomen en de woonsituatie moeten onderzocht worden om eventuele draagkracht te kunnen vaststellen.
De stagevergoeding bij een stageovereenkomst is afgeleid van het netto minimumloon en komt overeen met de volgende percentages van het netto minimumloon. De bedragen zijn leeftijdsafhankelijk en meestal toereikend voor het eigen levensonderhoud van de stagiair:
voor een persoon jonger dan 18 jaar 11%;
voor een 18-jarige 18%;
voor een 19-jarige 24%;
voor een 20-jarige 30%;
voor een 21- of 22-jarige 55%
voor een persoon van 23 tot 27 jaar 60%;
voor een persoon van 27 jaar of ouder 70%.
Uitzondering: voor een gedetineerde van 19 jaar en ouder komt de stagevergoeding overeen met 18% van het netto minimumloon.
Er zijn geen toeslagen (meer) op grond van woon- en/of leefomstandigheden. Als de stagevergoeding niet toereikend is, kan aanvullende uitkering aangevraagd worden. In dat geval beoordeelt de klantmanager of een huisbezoek noodzakelijk is. Bij samenloop moet het bedrag van een stagevergoeding gekort worden onder componentcode 308/309 – WWB –Stagevergoeding klant/partner. Deze korting wordt automatisch periodiek geïndexeerd (tegelijk met de aanpassingen van de stagebedragen).
Op de meldingsdatum vindt direct een ‘werkgesprek WWB' plaats met de klantmanager. Meteen wordt de klant om gegevens gevraagd die hij de volgende dag moet inleveren. Hersteltermijnen worden waar mogelijk en in overleg met de klant zoveel mogelijk ingekort. In het uiterste geval geldt een redelijke hersteltermijn van 10 werkdagen. Als de klant hierdoor echt in de problemen komt kan een voorschot worden verstrekt.
Verzoekt de klant om inkomen met terugwerkende kracht vóór zijn meldingsdatum, dan kan dit alleen in de vorm van bijstand. Natuurlijk moeten er altijd goede redenen zijn om terugwerkende kracht voor de meldingsdatum toe te kennen.
In geval van een beroep op broodnood, dient de klant een schuldverklaring te tekenen voor leenbijstand. Voor verrekening met de stagevergoeding geeft de inkomensconsulent aan de salarisadministratie aan dat er een voorschot broodnood is verstrekt. Het juiste formulier om een broodnoodvoorschot te vermelden is WWB15201 . Vermeld bij de opmerkingen dat sprake van broodnood is geweest, welk bedrag is gegeven en in hoeveel termijnen dat moet worden ingehouden. Geef ook de daarbij behorende VI 705.
Nieuw instromende klanten die worden ingedeeld in trede 3 gaan direct aan de slag bij het Praktijkcentrum en ontvangen een stagevergoeding als ze daar recht op hebben. Klanten die ingedeeld worden in trede 4 kunnen worden aangemeld bij de ‘VSA-carrousel'. Voor deze klanten wordt binnen 9 dagen bepaald of zij de eerste maand recht hebben op een stagevergoeding; daarna zijn ze in dienst bij een werkgever.
De stageplaats is de kern van de voorziening in het kader van de WWB en de WIJ. Hierin staat het aanleren van beroepsvaardigheden in een praktijksituatie centraal. Binnen het stagetraject vormt het toepassen van werknemersvaardigheden een belangrijk onderdeel. Op deze manier staat de voorziening sterk in het teken van toeleiding naar de arbeidsmarkt. Binnen de stagevoorziening is uiteraard ruimte voor maatwerk, rekening houdend met de mogelijkheden en omstandigheden van de deelnemer. Een deel van de activiteiten kan plaatsvinden buiten de eigenlijk stageplaats. Te denken valt aan taalles, trainingen, ondersteuning bij werkzoekactiviteiten en dergelijke.
Per traject is aangegeven in RAAK of er sprake is van een stage en of er dus een stageovereenkomst en een stagevergoeding aan kan worden gekoppeld. Alleen bij deze trajecten kan dus een stagevergoeding worden gegeven.
NB: Wanneer stageactiviteiten bij een werkgever plaatsvinden en de klant blijkt in staat om productief te functioneren, is het streven dat de klant een dienstverband bij de werkgever krijgt of een tijdelijke detacheringsbaan (tegen het minimumloon).
De activiteiten op de stageplaats en eventuele andere activiteiten in het kader van de stageovereenkomst beslaan 4 dagen per week. Indien de klant in verband met arbeid in loondienst of persoonlijk omstandigheden verminderd beschikbaar is voor stageactiviteiten, kunnen deze minder dan vier dagen beslaan, met een minimum van twee dagen per week.
De stageperiode kan 3, 6 of 12 maanden duren. Standaard is 6 maanden met optie op verlenging. Bij het einde van de stageovereenkomst houdt ook het recht op stagevergoeding op.
De stage kan indien nodig verlengd worden. Nadrukkelijk moet hierbij afgewogen worden of de stage daadwerkelijk de meest geschikte voorziening is als kortste weg naar duurzame arbeid. Verlenging is alleen aan de orde als betaald werk binnen handbereik ligt.
Verlenging van een stageovereenkomst en de daarbij horende vergoeding vindt op dezelfde wijze plaats als het opvoeren van een nieuwe stage(vergoeding).
Indien een klant gedurende een stagetraject naar een plaats buiten Amsterdam verhuist, kan de stage doorlopen als de klant dat wil. Is sprake van een aanvullende WWB of WIJ, dan moet de klant daarvoor naar de gemeente van vestiging. Als die een andere invulling wil geven aan de re-integratie, dan hebben wij daar geen invloed op. De reiskosten van buiten Amsterdam worden door ons niet vergoed.
De voorziening stage wordt de klant aangeboden met een stageovereenkomst , waarbij DWI de stagegever is. Wat verwacht wordt van de klant staat in deze stageovereenkomst. De klant is verplicht mee te werken (op grond van art. 9 lid 1 onder b WWB).
De stageovereenkomst is nadrukkelijk geen arbeidsovereenkomst . Bij een stage staat het leerelement voorop en er wordt géén loon betaald.
De stageovereenkomst wordt namens de gemeente Amsterdam gesloten.
DWI als stagegever wordt gezien als ‘werkgever' bij de belastingdienst. Er is geen premieplicht, behalve voor ZFW (werknemers- en werkgeversdeel). Er wordt geen WW-premie ingehouden. Het gaat hier om een fictief dienstverband.
De stageovereenkomst is niet geregeld in het Burgerlijk Wetboek. De artikelen van een arbeidsovereenkomst in het Burgerlijk Wetboek zijn niet van toepassing op een stage. Het enige wat de klantmanager moet doen is: uitvoering geven aan de overeenkomst en op de hoogte zijn van de beleidsvoorschriften van DWI over stages.
De hoogte van de stagevergoeding is onafhankelijk van het aantal gemaakte stage-uren met in achtneming van het minimum van 16 uur. Ook als de stagiair ziek is en slechts gedeeltelijk goedgekeurd, heeft dat geen gevolgen voor de vergoeding.
De activiteiten op de stageplaats en eventuele andere activiteiten in het kader van een stageovereenkomst beslaan normaal gesproken 4 dagen / 8 dagdelen per week. Inkomsten die de klant verdient buiten deze stage-uren worden niet gekort op de stagevergoeding. De stagevergoeding is geen bijstandsuitkering.
Inkomsten
Inkomsten die de klant verdient buiten deze stage-uren worden niet gekort op de stagevergoeding. De stagevergoeding is geen bijstandsuitkering.
Als de klant naast de stagevergoeding een aanvullende bijstandsuitkering of inkomensvoorziening ontvangt, dan worden alle inkomsten wel gekort op de aanvullende bijstandsuitkering volgens de gebruikelijke regels.
Als de klant minder dan twee dagen (of vier dagdelen) aan de stage kan deelnemen vervalt de stage. Ook als de inkomsten naast de stagevergoeding hoger zijn dan de uitkering zou zijn in geval van bijstand of inkomensvoorziening uit de WIJ, eindigt de stageovereenkomst.
Bij een echtpaar waarvan een partner een inkomen heeft (net) onder de bijstandsnorm, heeft de andere partner recht op een stagevergoeding. Hier is besloten voor een harde scheidslijn met NUG-klanten; die krijgen immers geen stagevergoeding. Voorwaarde is wel volledige beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt. Let op: klantmanager en inkomensconsulent moeten waarschuwen voor effect op bijvoorbeeld huur- en zorgtoeslag (schuldpreventie).
Verminderde beschikbaarheid
De stagevergoeding wordt wel evenredig lager vastgesteld als de klant arbeid in loondienst verricht in plaats van activiteiten in het kader van de stage. Als bijvoorbeeld de stagiair voor 2 van de 8 dagdelen per week niet kan meedoen aan stageactiviteiten wegens betaalde werkzaamheden elders, wordt de stagevergoeding met 2/8 verlaagd.
Als een klant in een dagdeel twee uurtjes betaald werkt en daarmee minder verdient dan een dagdeel stagevergoeding, moet een praktische oplossing gezocht worden. Bijvoorbeeld de korting op de stagevergoeding halveren (als het eenmalig is) of een aangepaste stagevergoeding toekennen (als het structureel is).
(Aanspraak op) andere middelen
Klanten die een eigen huis hebben kunnen gewoon op stage. Echter, je geeft in die gevallen bijstand onder verband van krediethypotheek en géén stagevergoeding. Immers: net als een NUG-klant beschikken deze klanten over voldoende middelen van bestaan.
Ook klanten die in bezwaar zijn tegen de afwijzing WW kunnen gewoon op stage maar krijgen eveneens geen stagevergoeding wegens aanspraak op andere middelen. Je verstrekt WWB of WIJ met een machtiging voor verrekening van de bijstand met de toe te kennen WW.
Tot slot: formeel is het officiële loonbelastingformulier niet nodig voor een stagevergoeding. Echter, daar we wél een verklaring van de klant nodig hebben, kiest DWI ervoor toch het formulier “Model opgaaf gegevens voor de loonheffingen” te gebruiken. Dit ook ten behoeve van een uniforme werkwijze en de herkenbaarheid in het dossier.
Naast de stagevergoeding heeft de deelnemer met toepassing van de beleidsregels recht op een OV-abonnement of een WWB/WIJ-trajectvergoeding; deze mogelijkheden gelden ook voor NUG-klanten (ouder dan 27 jaar) en ANW-gerechtigden. Aan jongeren tot 27 jaar wordt een OV-abonnement verstrekt. Dit gebeurt op het Praktijkcentrum. Voor de eerste dag (Praktijkcentrum) kan door de klantmanager of de teamassistent een Dagkaart geregeld worden als de klant daarom vraagt.
Als een klant tijdens het stagetraject verhuist naar een locatie buiten Amsterdam, kan de stage weliswaar doorlopen (als de klant dat wil), maar worden de reiskosten van buiten Amsterdam niet door ons vergoed (geen abonnement en geen individuele onkostenvergoeding).
Het komt voor dat een DWI klant niet fulltime beschikbaar is voor een stage, of tijdelijk helemaal niet aan stageactiviteiten kan deelnemen. In een aantal situaties kan dan toch een stage/stageovereenkomst worden ingezet (of door blijven lopen).
Dit geldt als de stagiair:
In het geval van tijdelijk verhindering om stageactiviteiten te doen, geldt een maximum van 1 maand. Gaat het om een langere periode, dan moet de stageovereenkomst (en de eventueel daaraan gekoppelde vergoeding) worden stopgezet. Voordat de vergoeding daadwerkelijk stopt moet de betrokkene de gelegenheid krijgen om een uitkeringsaanvraag (27+) of aanvraag voor werkleeraanbod (27-) in te dienen. Als bij aanvang van ziekte meteen duidelijk is dat dit langer dan één maand gaat duren, dan wordt de vergoeding direct gestaakt.
Bij trede 3 en 4 trajecten wordt de klant aangemeld bij Maetis voor ziekteverzuimcontrole. Dit geldt alleen indien de klant bij een RIB is aangemeld. Ook de VSA carrousel valt onder het Maetis contract, evenals de interne trajecten zoals die van Werk en Uitvoering (inclusief het instroomtraject) en de Herstelling .
NB. De regels bij ziekte staan vermeld in bijlage 2 van de stageovereenkomst.
De stagiair heeft een stageovereenkomst getekend waarin bepaalde verplichtingen zijn aangegaan. Medewerking hieraan is een voorwaarde voor het blijven lopen van de stageovereenkomst èn voor de uitbetaling van een eventuele stagevergoeding door DWI. Om de laatste reden is een financieel sanctiebeleid in het kader van de stageovereenkomst opgenomen.
a. Verzuim en te laat komen
De stagiair is overeengekomen dat hij/zij op bepaalde dagen bepaalde activiteiten doet. Indien de stagiair verzuimt te komen, kan een deel van de vergoeding worden ingehouden. Met name bij herhaaldelijk verzuim: te laat komen en/of het zonder bericht niet verschijnen op de stageplek en/of het niet voldoen aan de regels rond ziekteverzuim. Wel volgt eerst een waarschuwing . Ook krijgt de stagiair gelegenheid om zijn verhaal te doen voordat het inhouden van een deel van de stagevergoeding plaatsvindt.
De sanctie bedraagt per dag 5% van de toepasselijke stagevergoeding, naar beneden afgerond op een veelvoud van 5 euro. Voor de sanctiebedragen per leeftijdsgroep, zie het normenkaartje.
De sanctie voor één dag verzuim bedraagt een inhouding van 5%. Twee dagen verzuim geeft een inhouding van 10% van de stagevergoeding, enz. 1
1 • Bij verzuim wordt volgens het ‘oude regime' voor stageovereenkomsten van vóór 1 januari 2009 een bedrag ingehouden dat gelijk staat aan de stagevergoeding die men per dag ontvangt. De sanctie voor één dag verzuim bedraagt een inhouding van één dag stagevergoeding. Twee dagen verzuim geeft een inhouding van twee dagen stagevergoeding, enz.
b. Ontoelaatbaar gedrag
Als de stagiair zich herhaaldelijk schuldig maakt aan ontoelaatbaar gedrag, waaronder misdragingen, herhaaldelijk verzuim en/of te laat komen én als ondanks meerdere waarschuwingen en intensieve begeleiding door de stagebegeleider/consulent geen gewenste verandering optreedt, kan de stagiair wel de stageovereenkomst met DWI behouden, maar zal hij geen vergoeding meer ontvangen voor de periode dat er geen werkzaamheden worden verricht. Het is niet de bedoeling dat de klant dan bijstand
of inkomensvoorziening
krijgt; immers, de klant kan, als hij meewerkt, in principe terug naar de stage en kan dan zonodig ook direct weer in aanmerking komen voor een stagevergoeding.
Als het verzuim of ontoelaatbaar gedrag ondanks waarschuwingen en begeleiding blijft plaatsvinden, kan de stageovereenkomst beëindigd worden, met beëindiging van de daaruit voortvloeiende rechten van de klant.
c. Niet (meer) deelnemen
WWB:
Als een klant niet deelneemt aan een aangeboden stage, krijgt hij geen stagevergoeding. Het verwijtbaar niet deelnemen kan dan worden gesanctioneerd als de klant een beroep op WWB doet (27+). Kan de klant nog terug naar de stage plaats, dan kan hij redelijkerwijs beschikken over de stagevergoeding en kan op die grond de bijstand worden afgewezen. Kan de klant niet terug naar de stageplaats, dan had hij kunnen beschikken over middelen (zie ook hoofdstuk 6). Hierop past afstemming zoals beschreven in hoofdstuk 8.
WIJ:
Jongeren kunnen na het beëindigen van de stageovereenkomst, een nieuwe aanvraag indienen. Er volgt geen afstemming op het gedrag dat is vertoont voor de aanvraag.
Inkomstenverrekening bij regulier werk:
De stagevergoeding wordt verlaagd naar rato van dagdelen, op de uitkering/inkomensvoorziening
worden naast de verlaagde stagevergoeding alle werkelijke inkomsten ingehouden.
Sancties (wegens ontoelaatbaar gedrag of verzuim/te laat komen) worden toegepast op de stagevergoeding en worden niet aangevuld met WWB-uitkering of WIJ-inkomensvoorziening. Er vindt (nog) geen afstemming plaats op de aanvullende uitkering/inkomensvoorziening.
Als de stagevergoeding wordt beëindigd wegens ontoelaatbaar gedrag van de stagiair blijft de korting op de uitkering voortduren. De klant blijft immers in begeleiding van de klantmanager, en kan een nieuw stagetraject aangeboden krijgen. De stagiair kan daarmee redelijkerwijs beschikken over de stagevergoeding (art. 31 lid 1 WWB). Blijft de klant dit gedrag vertonen, dan vind ook afstemming op de aanvullende uitkering plaats met inachtneming van de betreffende beleidsvoorschriften.
Jongeren tot 27 wiens stageovereenkomst wordt beëindigd wegens ontoelaatbaar gedrag kunnen een nieuw werkleeraanbod aanvragen. Bij de aanvraag wordt geen rekening gehouden met gedrag voorafgaand aan de aanvraag, ook niet het gedrag vertoont op een eerder gevolgd traject.
Bij beëindiging van de stagevergoeding wegens werkaanvaarding hoeft geen beëindigingsonderzoek gedaan te worden. Als de klant al eerder aan het werk was, is dat blijkbaar óf buiten stage-uren geweest en dan hoeft het inkomen niet gekort, óf binnen stage-uren en dan zouden de dagdelen die het betreft al op de stagevergoeding in mindering gebracht moeten zijn.
Het komt voor dat de klant niet meer verschijnt op zijn stageplaats of om een andere reden op staande voet wordt ontslagen. De klantmanager zorgt ervoor dat de stage wordt beëindigd en de inkomensconsulent beëindigd de stagevergoeding. Terugvordering van teveel uitbetaalde stagevergoeding is heel moeilijk omdat het geen bijstand /inkomensvoorziening is. Sancties achteraf zijn onmogelijk behalve als er achteraf nog stagevergoeding betaald moet worden, waarop de sanctie in mindering gebracht kan worden, maar dat hoort in principe nooit voor te komen.
DWI gaat er vanuit dat de klant zelf zijn betalingen voor bijvoorbeeld huur en energie regelt. Van inhouding op de stagevergoeding kan in principe geen sprake zijn. Alle niet-vrijwillige inhoudingen worden eerst op de eventueel aanvullende WWB-uitkering of WIJ-inkomensvoorziening ingehouden, ingeval de WWB/WIJ daartoe toereikend is. Besloten is om alleen Agis standaard als vrijwillige inhouding te laten plaatsvinden.
Voor het collectieve contract met Agis is afgesproken dat Agis na beëindiging van de uitkering wegens WWB/WIJ-stage en stagevergoeding automatisch een signaal krijgt. Vervolgens gaat Agis over tot automatische incasso bij de klant, op basis van de machtiging die de klant in het verleden al heeft getekend. De klant wordt geïnformeerd via de tekst van het beëindigingsbesluit. Daarin staat:
”Als u meedoet aan de AV (Plus) Amsterdam zal Agis, zolang de deelname voortduurt, de verschuldigde premie op grond van de door u verleende machtiging automatisch van uw rekening afschrijven. Voor vragen kunt u bellen met Agis Servicedesk 0900 86 85.”
Na afloop of tussentijdse beëindiging van de stageovereenkomst vervalt ook de daaraan gekoppelde stagevergoeding. Wanneer de klant (nog) niet op een andere manier in het levensonderhoud kan voorzien, is een beroep op bijstand mogelijk. Stagiairs zijn niet verzekerd voor de WW, WIA e.d. Voor de bijstandsaanvraag gelden de gebruikelijke voorschriften rond rechtmatigheids- en doelmatigheidsbeoordeling.
Concreet betekent dit dat er een RAAK-melding naar de salarisadministratie moet worden verzonden. Daarvoor dient de WIW 1800 te worden gebruikt. Daarnaast moet de melding uitdienst in het contractenscherm worden ingevuld.
Het besluit voor de klant is de WWB 0204 Beëindiging stageovereenkomst (RAAK).
Als gezegd moet een rechtmatigheidonderzoek plaatsvinden, alvorens bijstand kan worden toegekend. Ook moet de klant een toekenningsbeschikking WWB krijgen.
Klanten die een stagetraject volgen kunnen aanspraak maken op een tegemoetkoming van de gemeente/DWI. De stagiair wordt voor deze tegemoetkoming gezien als NUG'er. De klantmanager moet de kinderopvang zelf regelen. Zie verder paragraaf 17.3 De bijzondere doelgroepen in de WK.
Omdat de stage een voorziening in het kader van de WWB is, geldt het bestuursrecht. Wanneer een stagiair het niet eens is met de manier waarop DWI de stageovereenkomst uitvoert, kan de klant dus gewoon in bezwaar.
Per Werkplein zijn contactpersonen Salarisadministratie aangesteld die met de Salarisadministratie communiceren over zaken rond de stagevergoedingen:
Werkplein/Jongerenloket |
Contactpersoon |
Telefoonnummer |
Zuid/Oud-West |
Marijke Kiepe |
5759 |
Noord |
Miriam Yildiz |
5027 |
West |
John Rellum |
6979 |
Centrum/Oost |
Purdy Carter |
5145 |
Zuidoost |
Rolf Schouten |
4522 |
Bijzondere Doelgroepen |
Moekis Bhaggoe |
5368 |
Jongerenloket Zuid |
Marlies Koedijk |
1650 |
Jongerenloket Zuidoost |
Jamila Tahiri |
4302 |
Jongerenloket West |
Khalid Taoufik |
1006 |
Jongerenloket Noord |
Arjan Swart |
4197 |
| Jongerenloket Centrum/Oost | Suzanne de Boer | 6799 |